Egbertusschool
samen leven en leren in veilige omgeving
Respect
Plezier
Veiligheid
Samen
  Leerstofaanbod groep 5

Hieronder ziet u per vakgebied de globale leerstof voor groep 5. Ook vindt u informatie wat u thuis met uw kind kunt oefenen.

Rekenen
Rekenen t/m 1000
  • optellen en aftrekken met diverse hoofdrekenstrategieŽn met accent op splitsen, bijv. 340 + 220 en 345 Ė 220
  • optellen en aftrekken langs een rond getal, bijv. 307-17, 322-29 of 395+25
  • aftrekken t/m 1000 door aanvullen (bijv. 803-798 of 806-789)
Getalbegrip
  • gevoel ontwikkelen voor de grootte van getallen t/m 1000
Vermenigvuldigen
  • schattend rekenen ion contextopgaven met sommen als 5 x 0,58 euro
  • vermenigvuldigen met de variastrategie rekenen met teveel, bijv. 7x58=7x60-7x2
  • vermenigvuldigen m.b.v de variastrategie ombouwen, bijv. 8x35 -> 4x70
Delen
  • van getallen bepalen door welke getallen ze deelbaar zijn
  • aanzet tot het automatiseren van alle deeltafels (al dan niet m.b.v. de tafels van vermenigvuldiging)
  • voortzetting van het automatiseren van alle deeltafels (al dan niet m.b.v. de tafels van vermenigvuldiging)
  • delingen als 140:7 naar analogie van 14:7
  • delingen als 72:6 waarbij 72 gesplitst wordt in 60 en 12
OriŽntatie in de ruimte
  • plattegrond
Meetkunde
  • relatie kg en g
  • wegen in kg en g
  • betekenis en schrijfwijze van 3,150 kg = 3 kg en 150 g
  • maken van bouwplaten, bijv. een cadeaudoosje
  • beschrijven van blokkenbouwsels op basis van aanzichten en spiegelbeelden
  • maken van figuren met verschillende oppervlakten bij een gegeven omtrek
  • rekenen met grootheden als afstand/tijd; prijs/gewicht en die vertalen naar een verhoudingstabel
Tijd
  • digitale tijdsduur
Tip: Op www.rekenweb.nl en www.onlineklas.nl kun je allerlei manieren vinden om sommen te oefenen.

Taal
Bij taal zijn de leerdoelen opgesplitst in verschillende domeinen, te weten spreken en luisteren, taalbeschouwing, stellen en woordenschat. De thema's waarover we werken zijn talent, plaaggeesten en pestkoppen en allemaal taal. De doelen staan hieronder per domein beschreven.

Spreken en luisteren
  • ingaan op verschillende soorten talent
  • luisteren naar een gedicht
  • discussiŽren over de inhoud en kenmerken van een voorgelezen gedicht
  • naar aanleiding van een stelling discussiŽren over plagen en pesten
  • inzien dat taal meer is dan het gesproken of geschreven woord
Taalbeschouwing
  • leren dat er verschillende talen zijn en dat dus niet iedereen dezelfde taal gebruikt
  • ingaan op het onderscheid tussen spreektaal, schrijftaal, standaardtaal en streektaal
  • vergelijkingen maken
  • uitdrukkingen toepassen
  • bijnamen bedenken
  • in welke situaties spreken we en in welke schrijven we?
  • manieren van spreken in alledaagse situaties bijvoorbeeld vragen, uitlegggen, overleggen
Stellen
  • details gebruiken in een beschrijving
  • korte, rijmende versjes schrijven
  • een versje voor een poesiŽ-album schrijven
  • vragen stellen
  • antwoorden noteren in telegramstijl
Woordenschat
  • woorden met betrekking tot verschillende soorten talenten
  • woorden met betrekking tot plagen en pesten
  • woorden met betrekking tot taal
Tip: Bekijk de doelen en breng het spelenderwijs aan de orde, wanneer een situatie zich voordoet.

Spelling
Bij spelling leren we de volgende categoriŽn aan:
  • stam, ik-vorm van een werkwoord in de tegenwoordige tijd (t.t.).
  • dertig, als je aan het eind van een meerlettergrepig woord -ug- hoort, schrijf je -ig-.
  • heerlijk, als je aan het eind van een meerlettergrepig woord -luk- hoort, schrijf je -lijk-.
  • opa's, woorden met een lange klank achteraan krijgen in het meervoud een 's. Behalve bij de ee. Sommige woorden krijgen vooraan een 's.
  • bomen, hoor je aan het eind van een klankgroep een lange klank (aa,ee,oo,uu), dan schrijf je er maar ťťn (a,e,o,u).
  • bommen, hoor je aan het eind van een klankgroep een korte klank (a,e,i,o,u), dan volgen er altijd twee medeklinkers.
  • dirigent, woorden met een i in plaats van ie. Dezee woorden moet je onthouden.
Tip:
Wanneer je extra wilt oefenen, is BLOON een goede manier om te oefenen.

Technisch lezen
Bij
technisch lezen werken we aan de volgende doelen:
  • woorden eindigend op isch.
  • woorden met g ( uitspraak zj)
  • woorden met ch (uitspraak sj)
  • woorden met eau (uitspraak oo)
  • samenstellingen met een klinkerreeks in het midden (zonder verbindingsstreepje)
  • meerlettergrepige woorden met ge-, en be- gevolgd door een klinker.
  • meerlettergrepige woorden met Ėth- in het midden.
  • lange woorden met leesmoeilijkheden.
Tip: Het is goed thuis te oefenen met lezen. Thuis is het vooral belangrijk dat het boek aansluit bij de belevingswereld van het kind. 
Vertel maar
27augustus2018
Op maandag 27 augustus komen de kinderen weer fris en...
14juli2018
Van 14 juli t/m 26 augustus hebben we zomervakantie! De...
Wanneer U er bezwaar tegen hebt, dat er (een) foto(Ďs) met...