Egbertusschool
samen leven en leren in veilige omgeving
Respect
Plezier
Veiligheid
Samen
 Leerstofaanbod groep 5

Hieronder ziet u per vakgebied de globale leerstof voor groep 5. Ook vindt u informatie wat u thuis kunt oefenen met uw kind. 

Rekenen
Getalbegrip: getallen t/m 100 en 1000
  • telrij t/m 100
  • Kennis van de telrij t/m 1000 met accent op structuur van de telrij
  • Verder- en terugtellen tot 1000 in sprongen van 10 en 100
  • Plaatsen van getallen t/m 1000 op de getallenlijn
  • Splitsen en samenstellen van getallen t/m 1000 in honderdvouden, tienvouden en eenheden
  • Schrijven van getallen t/m 1000
Rekenen t/m 10 en 20
  • Memoriseren van het optellen en aftrekken t/m 10
  • Automatiseren van het optellen en aftrekken t/m 20
Rekenen t/m 100
  • Optellen en aftrekken met tienvouden (36+20, 78-40)
  • Aanvullen tot volgend tienvoud
  • Optellen en aftrekken met accent op overschrijding van het tienvoud (75-48, 37+26)
Rekenen t/m 1000
  • Aanvullen tot het volgende honderdvoud
  • Optellen en aftrekken met sommen als 300+400 en 800-500 naar analogie
Vermenigvuldigen
  • Constructie van de tafels m.b.v. de tafelstrategien n keer meer, n keer minder, halveren en verdubbelen
  • Memoriseren van de tafels
  • Memoriseren van de tafels
  • De tafels van 11, 12 en 15 uitrekenen m.b.v. splitsen
Delen
  • Voorbereidend delen vanuit contexten en met gelijke sprongen op de getallenlijn
  • Delen als opdelen, ook met rest
  • Delen in formele notatie
Meten
  • Meten in m en cm
  • Schatten van lengte in m en cm
  • Schatten van een gewicht
  • Wegen in kg en g m.b.v. verschillende weeginstrumenten
  • Vergelijken van gewichten
Tijd
  • Klokkijken met minuten
  • Tijdsduur in minuten
  • Omzetten van analoge naar digitale tijden
  • Tijdsbegrippen: seconde, minuut, week, maand, jaar en eeuw
Tip: 
Op rekenweb en online klas kun je allerlei manieren vinden om sommen te oefenen.

Taal
Bij taal zijn de leerdoelen opgesplitst in verschillende domeinen, te weten spreken en luisteren, taalbeschouwing, stellen en woordenschat. De thema's waarover we werken zijn bij ons thuis, aan tafel, hoe zie jij eruit? en wat doe je nou? De doelen staan hieronder per domein beschreven.

Spreken en luisteren
  • nadenken over de inrichting van ruimtes in huis;
  • beschrijven van de thuissituatie;
  • luisteren naar een tekst;
  • verwoorden van eigen ervaringen;
  • praten met klasgenoten over eetgewoonten;
  • nadenken en praten over verschillende soorten beschrijvingen van personen;
  • termen hanteren die daarbij relevant zijn.
Taalbeschouwing
  • onderzoeken van het nut van het alfabet;
  • mondeling en schriftelijk oefenen met de alfabetische volgorde;
  • de volgorde van de letters in het alfabet reproduceren;
  • oefenen van opzoekvaardigheden door alfabetiseren op de beginletter en op de eerste twee letters;
  • alfabetiseren op de derde en vierde letter.
Stellen
  • nadenken over het begrip overdrijven;
  • herkennen van de werkelijkheid achter overdrijvingen;
  • een korte tekst schrijven met overdrijvingen;
  • aantekeningen maken;
  • geordende lijstjes maken;
  • schrijven van een recept;
  • notities maken voor een verslag;
  • korte zinnen maken op basis van die notities;
  • de korte zinnen uitbreiden;
  • een verslag schrijven van een dagje aan het strand.
Woordenschat
  • woorden met betrekking tot de inrichting van het huis;
  • woorden met betrekking tot tussendoortjes;
  • woorden met betrekking tot het uiterlijk.
Tip:
Bekijk de doelen en breng het spelenderwijs aan de orde, wanneer een situatie zich voordoet. 

Spelling
Bij spelling leren we de volgende categorien aan:
  • gevangen; woorden met een stomme e vooraan.
  • bomen; hoor je aan het eind van een klankgroep een lange klank (aa,ee,oo,uu), dan schrijf je er maar n (a,e,o,u).
  • zebra; hoor je aan het eind van een woord een aa,oo,uu, dan schrijf je a,o,u. Hoor je een ee, dan schrijf je er twee.
Tip:
Wanneer je extra wilt oefenen, is BLOON een goede manier om te oefenen. Neem contact op met de juf, zodat zij een account voor je kan maken. 

Technisch Lezen
Bij technisch lezen werken we aan de volgende doelen:
  • drielettergrepige woorden eindigend op open lettergrepen.
  • woorden met .
  • woorden met s of s.
  • woorden met x-.
  • woorden met c-.
  • woorden met cc-.
  • woorden met y- en ey.
  • woorden met iaa- en ioo-.
  • woorden met twee klinkers die samen geen tweeklank vormen.
Tip:
Het is goed thuis te oefenen met lezen. Thuis is het vooral belangrijk dat het boek aansluit bij de belevingswereld van het kind. 
Vertel maar
Wanneer U er bezwaar tegen hebt, dat er (een) foto(s) met...